Spreekrecht tijdens de raadscommissievergadering

Spreekrecht tijdens de commissievergaderingen

Tijdens de commissievergaderingen kunt u gebruikmaken van het spreekrecht, met betrekking tot geagendeerde onderwerpen. De totale spreektijd voor alle burgers is gemaximeerd op 60 minuten. Elke spreker heeft maximaal 5 minuten.
Het woord kan niet gevoerd worden over:

  • Een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep bij de rechter openstaat of heeft open gestaan.
  • Over benoemingen, keuzes, voordrachten of aanbevelingen van personen.
  • Indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene Wet Bestuursrecht kan of kon worden ingediend.

Wanneer u wenst in te spreken, dient u zich vooraf te melden bij de griffie. Aanmelden voor de commissievergadering kan tot uiterlijk 15 minuten voor aanvang van de vergadering.

Spelregels 

Het doel van het spreekrecht is burgers de kans te geven kort en bondig hun standpunt te verwoorden. Daarvoor gelden wel enkele spelregels:

  1. De commissievoorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volg­orde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering.
  2. De totale spreektijd voor burgers is gemaximeerd op 60 minuten. Het spreekrecht dient zich te beperken tot een relevante bijdrage, dit ter beoordeling van de commissievoorzitter.
  3. De spreker voert het woord uitsluitend over het in behandeling zijnde agendapunt, nadat de commissievoorzitter hem dit heeft verleend.
  4. Elke spreker voert hoogstens vijf minuten het woord en stopt met spreken, zodra de commissievoor­zitter hem op het verstrijken van zijn spreektijd wijst. In bijzondere gevallen, als de com­missie dat nodig vindt, kan een langere termijn worden toegestaan.
  5. De commissievoorzitter is be­voegd de spreektijd te bekorten.
  6. De commissievoorzitter kan de deelnemers aan een de vergadering toestaan aan de inspreker korte verhelderende vragen te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.
  7. Als een spreker beledigende woorden of gebaren gebruikt wordt hij door de commissievoorzitter tot de orde geroepen en na herhaling het recht van spreken ontzegd.